Botsende goede voornemens

Je hebt je eigen goede voornemens, maar kan een gemeenschap ook ‘goede voornemens’ hebben. Wat als die ‘goede voornemens’ niet met elkaar zijn te rijmen?

Ik heb goede voornemens, maar het ene goede voornemen voer ik wel uit, het andere niet. De keuken zou ik moeten schilderen, maar de lelijke plekken zitten hoog en ik zie ze nauwelijks. Dit voornemen verdwijnt uit mijn gedachten. terwijl een ander voornemen vaker komt boven drijven en daar ga ik wel mee aan de slag. Het proces van afweging welk voornemen ik wel en welke ik niet uitvoer speelt zich af in mijzelf en is deels bewust, deels onbewust.

Hoe gaat het in een gemeenschap? Kun je ook spreken van goede voornemens van een gemeenschap? Er zijn wel dingen die mensen graag verbeterd willen hebben. Er zijn echter allerlei verschillende wensen van allerlei verschillende mensen. Je hoort mensen die willen dat Nederlandse bedrijven goed kunnen concurreren in de wereldeconomie. Anderen vinden het belangrijk dat aan discriminatie een eind wordt gemaakt. Er zijn ook veel mensen die vinden dat er een eindelijk een grote stap richting duurzaamheid wordt gezet. Weer anderen maken zich ernstig zorgen over de grote aantallen mensen in armoede, dat moet veel rechtvaardiger worden. Er zijn ook nogal wat mensen die een herkenbaar Nederland willen, waarin ze zich thuis voelen.

Hoe weeg je af welk verlangen je als gemeenschap wel realiseert en welke niet? Stemmen en de meerderheid plus één wint? Een grote minderheid lange tijd negeren? Dat is funest voor een gemeenschap, het ondermijnt haar samenhang, haar solidariteit en haar onderlinge betrokkenheid.

Maar daarmee zitten we wel met een probleem, te meer omdat de realisatie van de ene wens haaks staat op de verwerkelijking van de ander wens, zeker als je luistert naar hoe mensen ‘hun wens’ willen bereiken. Nederland beter laten concurreren willen sommigen door de sociale zekerheid verder af te breken, maar dit botst heftig met het tegengaan van armoede. Zich thuis voelen in Nederland willen vaandeldragers van deze wens bereiken door de islam te verbieden. Maar dit is een frontale aanval op het principe van gelijkheid en gelijkwaardigheid. Het wordt als zeer discriminerend ervaren en daarmee moreel verwerpelijk, hier valt niet over te onderhandelen. Een open discussie met wederzijds respect lijkt bij voorbaat onmogelijk.

Morele verwerping van de ander speelde ook in de tachtiger jaren van de vorige eeuw rond kernwapens. Het onderwerp leefde sterk. Een half miljoen mensen demonstreerde tegen kruisraketten in Nederland. Veel mensen in de – christelijke – kerken vonden het hebben van kernwapens moreel onaanvaardbaar. Het liep hoog: hoe konden mensen die wederzijdse afschrikking met kernwapens wel acceptabel vonden zich nog christen noemen? Ook binnen de kerken was onderlinge discussie niet mogelijk en dat voelde niet prettig. In de Haagse kerken lukte het echter om beide partijen rond tafel te krijgen door hen uit te laten nodigen door mensen die zich niet met kernwapens bezighielden omdat ze andere problemen belangrijker vonden, zoals werkloosheid. Het gesprek liep in ieder geval en leverde nog een brochure op “Help de kernwapens de wereld uit…. help de kerk verzuipt”.

Kan deze werkwijze in onze tijd zinvol zijn wanneer mensen in moreel opzicht sterk tegenover elkaar staan bij bepaalde kwesties? Zijn ze bij elkaar aan tafel te krijgen door mensen die zich juist niet met deze kwesties bezighouden, omdat ze hun energie steken in andere sociale problemen?

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s